Nieuw leven
Nieuw, piepjong leven in huis. Ik was vergeten hoeveel ‘mindspace’ dit van me vraagt. Hoe zo’n klein wezentje al mijn aandacht, focus en energie opslorpt. Ik sta versteld hoe snel mijn dag alweer wordt afgestemd op het ritme van deze nieuweling. Ik moet opnieuw opvoeden en verzorgen. Full time. Vermoeiend.
Bovendien moet ik alert en consequent zijn. En laat nu net dat laatste iets zijn waar ik het zo’n heel klein beetje moeilijk mee heb. Opletten en volhouden … het vraagt wat van ne verstrooide mens als ik. Stresserend is het. Maar niet getreurd: met 15 jaar ervaring als anti-stress-therapeut ken ik alle kneepjes van het zen-zijn-vak. Practice what you preach. Walk the talk. Toch?
Niet dus. Energieke baby’s rechtlijnig en standvastig opvoeden is niet mijn grootste talent. En al zeker niet deze baby. Ik verklaar me nader.
De gemiddelde baby slaapt veel, heel veel.
De mijne niet. Die draait het om: veel wakker – af en toe slapen.
Een doorsnee baby ligt tevreden te kirren op z’n kussentje en laat zich af en toe horen bij een hongerige maag. Tja, de mijne lijkt altijd honger te hebben en laat het dan ook heel luid en duidelijk merken.
Meestal zijn zo’n jonge wezentjes snel tevreden: geboeid door een voorbijvliegend bromvliegje, opgetogen door een lachje van een voorbijganger, een schaduw op de muur… zelfs z’n eigen ledematen zijn boeiend genoeg om uren naar te staren.
Maar niet bij die van mij. Wat had je gedacht! Alles is al snel saai en oninteressant. Ook dat laat hij luid en duidelijk horen. Pffff. Waar is Robby Williams als je hem nodig hebt: ‘Let me-e-e entertain you!’ Moest iemand z’n gegevens hebben, bel ‘m, want Mr. Entertainment is hier meer dan welkom!
Kort gezegd: Ik word knettergek van onze kleine Lenny. Hij is lief hoor, maar in tegenstelling tot zijn zus (zij woont, slaapt, speelt, kirt en is gewoon haar schattige, gehoorzame zelve bij onze buren) is hij een heel aanwezig aandacht zoekend ventje. Hetzelfde nestje, een totaal andere manier van zijn. Ik voel wat jaloezie: onze buren hebben de ideale baby, wij de FOMO-baby.
FOMO: Fear Of Missing Out… al suggereer ik hierbij graag een extra betekenis:
Felle, Ongeduldige, Mega-energieke, Ontembare baby.
Het doet me beseffen dat ik het anders moet aanpakken. Deze kleine eigenzinnige wervelwind doet me nog een moord begaan. Alert zijn… dat lukt nog net. Consequent? Da’s er te veel aan. Ik gooi het roer om. Klassieke opvoedkunde: overboord. Traditionele baby-verwachtingspatronen: loslaten! Rigide regels en strakke principes? Weg er mee!
Ik heb het indertijd met m’n kinderen ook op Frank Sinatra’s ‘I did it my way!’-wijze gedaan. En dat werkte. Mam’s Stress-level: 0%. Daar ga ik opnieuw voor!
We zijn nu enkele dagen ver in de nieuwe opvoedingsstijl. Ik observeer, geef ruimte, beweeg mee en laat los. Af en toe zet ik ‘m toch even in time-out om te vermijden dat ik effectief die moord zou plegen – zoals eerder gezegd: ik ben ook maar een mens.
Het werkt. Van een -– in mijn ogen – klein aandacht zoekend monster verandert hij stilaan in een schattig, vinnig, vrolijk en tevreden zonnetje in huis. Hij geniet van zijn vrijheid (ja, hij mag al in het hele huis rondhuppelen), hij slaapt als een roos mijn nabijheid (ja, hij mag zich in ons bed nestelen), hij huppelt rond op het aanrecht (ja, zelfs mét vuile pootjes) en hij laat zich gewillig in de kap van een hoodie proppen (ja, moest ik ‘m nog hebben, ik droeg hem in een draagdoek).
Kortom: alles wat niet mag, doe ik toch. Een berekend risico: onze kleine kater wordt rotverwend en voelt zich de leeuwenkoning te rijk. En of deze opvoedingsstijl de goeie is op lange termijn, zijn zorgen voor later. Ik weet alleen dat het nu werkt voor mij en hem. Da’s al wat telt. Beter een kattenmoeder zonder principes dan een stressed-out moeder met een strafblad. Toch?