Door Eline, Fien, Hanne, Ine, Jenna, Julie, Leontine, Lien, Michaël en Noor van het tweede jaar Moderne Wetenschappen en Economie en Organisatie
Hoe haal je leerlingen van een tweede jaar Moderne talen/Wetenschappen en Economie en Organisatie uit hun comfortzone? Je neemt ze een hele vrijdag mee naar Brussel om in een school in Elsene met leeftijdsgenoten in gesprek te gaan. Vervolgens bezoeken ze het Federaal Parlement en sluiten de dag af met een klassiek concert van het Nationaal Orkest van België in Bozar. En dat alles om heel wat leerplandoelen te bereiken!
Saint-Boniface
Ik ga er niet flauw over doen, maar het bezoek aan het Instituut Saint-Boniface in Elsene bezorgde me wel wat kopzorgen. We correspondeerden, en francais met de hulp van onze leerkracht Frans, al het hele schooljaar door met een leerling van deze Brusselse middelbare school, maar live in gesprek gaan… pas facile.
We waren verbaasd hoe groot de school was, maar de warme ontvangst stelde me onmiddellijk gerust. De eerste opdracht: je correspondent vinden aan de hand van de beschrijving die we kregen. Ik vond ze al gauw en we raakten aan de praat. Nous nous sommes exprimées en français en zij drukten zich uit in het Nederlands. In het begin was dat heel moeilijk, maar met de nodige gebarentaal (en soms een woordje in het Engels 😊) begrepen we elkaar steeds beter.
Daarna werden we in twee groepen verdeeld: de blauwe en de oranje. De blauwe, waar wij toebehoorden, begonnen met een quiz. De vragen in het Frans moesten in het Nederlands worden beantwoord en andersom. Zo leerden we elkaars cultuur beter kennen en dat was fascinerend; één van de antwoorden was Pommelien Thijs en niemand van onze Brusselse vrienden had ooit van haar gehoord, remarquable! Vervolgens moesten we avec nos amis in één uur tijd zoveel mogelijk challenges tot een goed einde brengen.
Er werden vriendschappen gesmeed en op het einde hier en daar ook telefoonnummers uitgewisseld. De taalbarrière was helemaal verdwenen, onze talen vloeiden ondertussen spontaan in elkaar. Wanneer, na het verorberen van nos tartines, de bel luidde, namen we afscheid van onze nieuwe vrienden om de uitstap door Brussel verder te zetten. Wat was dit een heel leuke voormiddag!
‘Het bezoek aan mijn correspondenten heeft mijn Franse woordenschat aanzienlijk verrijkt. De leerlingen waren heel lief en enthousiast en dat nam alle zenuwen weg. Ik kijk er enorm naar uit om hen in april op onze school te verwelkomen. Inoubliable!’ (Khloé)
Het Federaal Parlement
Het bezoek aan het Federaal Parlement was heel leerrijk en sloot perfect aan bij de lessen geschiedenis over de Atheense democratie. Ons Federaal Parlement is opgedeeld in 2 delen: de Kamer van Volksvertegenwoordigers met het groene tapijt en de Senaat met het rode tapijt. Doorheen het gebouw staan borstbeelden van premiers, portretten van de koninklijke familie en kunstwerken over historische gebeurtenissen.
Eerst bezochten we de Kamer. Daar waanden we ons echte politici, want we mochten op de bankjes van ministers en parlementsleden plaatsnemen. Er volgde ook een bezoek aan de Senaat, de persruimtes en de verschillende commissiezalen. Heel bijzonder waren de houten hokjes die journalisten vroeger gebruikten om nieuwsberichten door te sturen.
Na het verlaten van een spiksplinternieuwe commissiezaal via de tondo, een ovalen loopbrug over de straat, zat ons boeiende bezoek aan het hart van de Belgische democratie erop.
‘Het federale parlement bezoeken was een indrukwekkende ervaring, onder meer door de adembenemende architectuur. Het voelde fantastisch om te beseffen dat we op de plek waren waar beslissingen worden genomen die ons dagelijks leven in België beïnvloeden. Vive la démocratie!’ (Céleste)
Bozar
Na een deugddoende pauze in het historische centrum van Brussel sloten we de dag af in de Bozar. Op school werden we vooraf voorbereid op een avondje muziek van de Hongaarse componist en pianist Béla Bartók, uitgevoerd door het Nationaal orkest van België.
De avond startte met een interview van de dirigent Antony Hermus. Hij vertelde hoe hij dirigent werd en maakte tijd voor vragen. Uit zijn antwoorden leerden we wanneer we mogen klappen tijdens een klassiek concert, dat de cello zijn favoriete instrument is en dat een jeugdig publiek tijdens een concert hem extra gelukkig maakt. Daarna zochten we onze plaatsen op het balkon op. Van daaruit hadden we een prachtig zicht op het podium. Toen iedereen zat en het licht langzaam dimde, kon het concert eindelijk beginnen.
Laat me eerlijk zijn, ik had niet echt veel zin om na een lange dag naar een anderhalf uur lang klassiek concert te luisteren. We dachten dat het maar wat getokkel en gestrijk op violen zou zijn, maar achteraf bleek het echt heel impressionant! Alhoewel klassieke muziek niet echt ons ding is, vonden we het best indrukwekkend om zo’n groot orkest live te zien spelen. De dirigent, die enorm opging in de muziek, de vele solisten, waaronder een blinde violist, en het orkest verdienden het gigantisch applaus op het einde dubbel en dik.
We zijn heel blij dat we deze ervaring hebben mogen meemaken, het is iets dat we niet snel zullen vergeten.
‘De muziek van Bartók klonk krachtig en mooi; het was niet zomaar een concert, het was een ervaring. Formidable!’ (Hanne)
Moe, maar een aantal unieke ervaringen rijker, arriveerden we weer in het vertrouwde Stekene rond 23 uur. J’étais fatiguée, mais très satisfaite.