Stekene telt een reeks doodlopende straten, met de Gazet zoeken we uit wat de charme is om in zo’n straat te wonen. We starten in Kemzeke in de Tijbaertlaan. Buurtbewoners Eric De Witte en Luc Smet: ‘Doodlopend, dus doods? Niets van dat alles bij ons in Tijbaertlaan. Wel integendeel, we zijn een levende buurt.’
Even de geschiedenis induiken
‘De Tijbaertlaan, onooglijk geprangd tussen de Stationsstraat en de Reynaertlaan, was oorspronkelijk een onverharde trage wegel waar een drietal kleine oude woningen stonden (onder andere de ouderlijke woning van Cyriel Van Hoye, oud-schepen in Kemzeke en Stekene). In samenwerking met de gemeente Kemzeke heeft de Nationale Landmaatschappij in de jaren vijftig van de vorige eeuw er zes sociale woningen gebouwd. In de jaren 1970-1971 vonden er onteigeningen plaats en is de aanleg van een asfaltverharding met de inrichting van een pleintje als keerpunt, achteraan de straat en de verbinding voor voetgangers en fietsers in vaste verharding naar de N 403, de Stationsstraat, uitgevoerd. Hierna verrezen verschillende woningen in de straat.’
Van den vos Reynaerde
‘De Tijbaertlaan telt slechts 16 huizen met elk hun eigen verhaal en geschiedenis. Over verhalen gesproken. De Tijbaertlaan ontleent zijn naam aan de kater Tibeert (Tiebeert, Tybaart, Tybaert) uit het epos ‘Van den vos Reynaerde’, geschreven ergens tussen 1257 en 1278 door Willem die Madoc maakte. Nadat eerder Bruin de beer al was mislukt om de ‘wreden vos met de rossen baard’ naar het tribunaal van koning Nobel, de leeuw, te leiden, komt deze loodzware opdracht op de schouders van Tibeert, de kater te liggen.
Reynaert lokt de gulzige kater naar een gat in de schuur van de pastoor die wel wat malse en verse muizen huisvest. De likkenbaardende en watertandende Tibeert steekt zijn vraatzuchtige kop in het gat en nog voor de muizen ‘piep’ kunnen zeggen, zit hij met zijn kop in de strop.’
‘Zijn gejammer en kattengejank maken de zoon van de pastoor, Martinet, wakker. Denkend dat hij de kippendief te pakken heeft, gooit hij de kater een oog uit. De pastoor die in zijn blote flikker komt aangelopen na het liefdesspel met vrouwlief, begint op de kater te kloppen met de spinrokken van zijn vrouw. Hetgeen de kater woest doet uithalen naar het kruis van de pastoor en zo belandt pardoes een klok uit het klokkenspel van de pastoor op de grond voor de ogen van mevrouw pastoor, waardoor zij het liefdesspel in de toekomst wel mag vergeten. Tibeert bijt zijn strop door en strompelt zigzaggend en jankend naar koning Nobel, waar hij – tot spijt van wie het benijdt – zijn opdracht moet doorgeven aan Grimbeert de das.’
Hier spreken de dieren nog!
‘En zo staat Tibeert voor de hebzucht en het gebrek aan zelfbeheersing dat in de dierenwereld en indirect in de (middeleeuwse) maatschappij aanwezig is.
Voorwaar…geen fraai heerschap waarnaar onze straat is vernoemd…Maar Tibeert, als kat, doet zijn naam alle eer aan. De huizen in de Tijbaertlaan herbergen verschillende katten die door de inwoners worden vertroeteld, in de watten gelegd en gekoesterd. ‘Boris de kat’ is zelfs gekroond tot de mascotte van de straat. En ja hoor… Wie zijn oor te luisteren legt en het heel stil maakt, maar dan ook heel stil, kan horen hoe de inwoners keuvelen en klessebessen met Boris. Ja… hier spreken de dieren nog!’
Het pleintje, het kloppend hart van de Tijbaertlaan
‘Sinds enkele jaren geleden nieuwe en jonge gezinnen hier hun intrek namen is het een bruisende straat geworden, ook dankzij het opgerichte wijkcomité, dat als doel heeft de verbondenheid tussen de bewoners te versterken. Het schuimt, gist, borrelt en wervelt hier in de buurt, waar ‘het pleintje’ met het grasveldje, de zit(zinnen)bank en een picknicktafel, de oude iep en de schommel een centrale plaats inneemt. Het pleintje is een ontmoetingsplaats voor jong en oud. Op dit pleintje ken(t)(de) men zijn/haar eerste lief, babbelen en converseren de bewoners en toevallige passanten over de kleine en grote dingen des levens en zoals het hoort worden hier ook allerlei maatschappelijke problemen besproken en opgelost.’
‘Eén bewoner moet het maar in zijn hoofd krijgen om via whatsapp de anderen uit te nodigen en in een mum van tijd wordt het pleintje omgetoverd in een babbel- en knabbelevent. Als het weer het even toelaat is het pleintje de startplaats van het straatwandel- en babbelclubje en elke woensdag in augustus is het de uitvalsbasis voor de speelstraat. Jawel, een pleintje waarrond kinderen nog kunnen fietsen, hinkelen, stoeptekenen, rolschaatsen, skaten…’
Weesgedicht
Het pleintje staat voor nog veel meer en dit onder impuls van het actieve wijkcomité. ‘In januari adopteert het pleintje een weesgedicht en komen de leerlingen van de GBS Reynaerdijn genieten van voorgelezen poëzie. Het verleent onderdak aan een bedrijvig boekenruilkastje ‘Groene mist’, één van de 12 boekenkastjes ter ere van de te vroeg gestorven Dirk Bracke die de Vlaamse en Nederlandse jeugd leerde genieten van literatuur en hen – zonder belerend en moraliserend te zijn – liet kennismaken met heikele maatschappelijke thema’s. Op het pleintje prijkt ook een poëziepaal waarop op geregelde tijdstippen een gedicht over de tijd van het jaar verschijnt. Vanop het pleintje worden de kinderen op paaszaterdag wandelen gestuurd op zoek naar paaseieren die, terwijl de volwassen genieten van een vers geurende kop koffie, worden samengelegd en eerlijk worden verdeeld.’
Wereldlichtjesdag
‘Op 31 oktober, de vooravond van Allerheiligen, leggen we een krans van kaarsjes rond de iep en luisteren we naar een gedicht ter herdenking van de overledenen in de straat. Op wereldlichtjesdag verzamelen we weer op het pleintje om met gepaste teksten en intieme muziek de overleden kindjes uit de straat te herdenken. In december verrijst op het pleintje de kerstboom en gepaste kerstversiering en -verlichting. Zo baadt de Tijbaertlaan een maand lang in een idyllische en feeërieke sfeer. Op de eerste zaterdag van augustus vindt op het pleintje onze jaarlijkse straatbarbecue plaats en zes maanden later wisselen we onze nieuwjaarswensen uit, nu niet op het pleintje maar ten huize van één van de inwoners. En enkele weken later is er geen vrouwtje zo arm of ze maakt op Lichtmis haar pannetje warm: het comité bakt dan verrukkelijke pannenkoeken die huis-aan-huis worden bedeeld.’
Nieuwsbrief
‘Van al deze activiteiten worden de bewoners op de hoogte gebracht via een ‘oldskool’ instrument, de nieuwsbrief. O ja…met genoegen en plezier trakteren de bewoners elkaar met kleine en grote verrassingen: verse groenten en fruit, koekjes, een lekkere fles wijn, een aangename babyborrel, verrukkelijke ijsjes heerlijk ruikende chocolademelk, een heus huwelijksfeest, Zuid-Amerikaanse cocktails, een glaasje cava en/of dessert op de barbecue ter gelegenheid van bijvoorbeeld een tachtigste verjaardag of een volledige barbecue om vingers en duimen af te likken door het gouden bruidspaar… De Tijbaertlaan leeft als nooit tevoren!’